Vanaf 1 januari 2025 gaat de Belastingdienst strenger handhaven op schijnzelfstandigheid. Dit betekent dat werkgevers die zzp’ers inhuren, terwijl deze eigenlijk als werknemers zouden moeten worden beschouwd, het risico lopen op naheffingen en boetes.
Dit is een belangrijke verandering, aangezien de Belastingdienst de afgelopen acht jaar nauwelijks controleerde vanwege onduidelijke regels. Dit was het ‘handhavingsmoratorium’. De huidige politiek wil dit moratorium per 1 januari 2025 opheffen.
Nieuw wetsvoorstel
Daarnaast wordt verwacht dat in 2026 het nieuwe wetsvoorstel ‘Verduidelijking Beoordeling Arbeidsrelaties en Rechtsvermoeden’ (VBAR) van kracht wordt, die duidelijker regels zal introduceren om schijnzelfstandigheid te voorkomen.
Wanneer schijnzelfstandigheid
Schijnzelfstandigheid ontstaat als een zzp’er feitelijk werk uitvoert dat als een dienstverband zou moeten worden beschouwd. In dergelijke gevallen worden essentiële arbeidsrechtelijke verplichtingen zoals loonheffingen, pensioenopbouw, vakantiedagen en ontslagregels ten onrechte niet toegepast.
Veranderingen per 2025
De Belastingdienst gaat vanaf 2025 weer actief handhaven op schijnzelfstandigheid. Dit kan voor werkgevers die de regels overtreden leiden tot aanzienlijke financiële gevolgen, waaronder naheffingen en boetes.
Signbranche
Het is essentieel om bij het inhuren van een zzp’er te zorgen dat er geen sprake is van een arbeidsrelatie. Een belangrijk hulpmiddel is een goed opgestelde overeenkomst waarin duidelijk wordt vastgelegd dat de zzp’er zelf bepaalt hoe de opdracht wordt uitgevoerd en dat hij voor eigen rekening en risico werkt. Voor signbedrijven die werken met zzp’ers heeft brancheorganisatie SI’BON een speciale overeenkomst ontwikkeld. SI’BON: “Zorg ervoor dat een zzp’er per 1 januari 2025 op basis van een ondertekende overeenkomst (met de juiste condities) voor het signbedrijf werkt.” Dit voorkomt problemen en beschermt zowel de zzp’er als de opdrachtgever tegen de gevolgen van schijnzelfstandigheid.

